Richtlijn
9. Ontwerp apparaatonafhankelijkheid.

Richtlijn
Dia 10 van 17
Vorige pagina. Volgende pagina.

Gebruik eigenschappen die het mogelijk maken om elementen in de pagina te activeren via een verscheidenheid van invoerapparaten.

Apparaatonafhankelijke toegang betekent dat de gebruiker interactief kan werken met de user agent of het document met een invoer- (of uitvoer-) apparaat van zijn keuze – muis, toetsenbord, stem, "hoofdspriet", of iets dergelijks. Als bijvoorbeeld een formulier alleen kan worden ingevuld met behulp van een muis of een ander "aanwijsapparaat", zal iemand zonder gezichtsvermogen die de pagina gebruikt met behulp van steminvoer of met een toetsenbord met een ander invoerpapparaat zonder "aanwijsfuncties", niet in staat zijn het formulier te gebruiken.

N.B.Door het leveren van tekstequivalenten voor image maps of afbeeldingen die gebruikt worden als link kunnen gebruikers er interactief mee werken zonder een "aanwijsapparaat".

In het algemeen zijn pagina's die interactie met het toetsenbord toelaten ook toegankelijk door middel van spraakinvoer of door middel van een opdrachtregel.

Check IJkpunten voor richtlijn 9.

Volgende dia: Richtlijn 10.

Inleiding: Inhoud Richtlijnen: Inhoud IJkpunten: Inhoud Voorbeelden: Inhoud

Vorige pagina. Volgende pagina.

Chuck Letourneau & Geoff Freed

W3C Web Accessibility Initiative

Copyright © 2000 W3C